Wie deze week met de trein door Lokeren reed, kon er nauwelijks naast kijken. Langs de sporen verrijst een muur van zeecontainers, bijna 250 meter lang, bedoeld om het geluid van stilstaande dieseltreinen tegen te houden. Het is zo'n beeld waarbij je eerst denkt dat er een werf wordt ingericht en pas daarna beseft dat dit de oplossing zélf is. De aanleiding is minder spectaculair: een buurtbewoner klaagde al langer over de geluidshinder van treinen die met draaiende motor in het station stonden en kreeg uiteindelijk gelijk van de rechter. NMBS moest dus ingrijpen. En plots staat er midden in Lokeren een constructie die niemand enkele maanden geleden had voorspeld.
Het is verleidelijk om van dit verhaal onmiddellijk een karikatuur te maken. Eén buur klaagt en duizenden treinreizigers zitten met de gevolgen, of een overheidsbedrijf geeft veel geld uit aan een muur van containers. Maar daarmee doe je de werkelijkheid tekort. Wie naast een station woont, weet uiteraard dat daar treinen rijden, maar dat betekent niet dat je elke vorm van geluidshinder zomaar moet aanvaarden. Als wettelijke normen worden overschreden, moet een individuele burger daartegen kunnen optreden, ook wanneer aan de andere kant een grote publieke onderneming staat. Dat iemand uiteindelijk zijn gelijk haalt tegenover NMBS, is daarom geen ontsporing van het systeem. Het is net een teken dat regels ook gelden voor organisaties die zelf deel uitmaken van de overheid.
De trein moet natuurlijk wel blijven rijden
Tegelijk is het even gemakkelijk om het probleem uitsluitend vanuit de woning naast het spoor te bekijken. Een spoorlijn is geen rustige buur en een station is er in de eerste plaats om mensen te vervoeren. Pendelaars, scholieren en andere reizigers verwachten terecht dat hun trein 's morgens rijdt, ook wanneer de logistiek achter die dienstregeling ingewikkeld is. NMBS moet daarom twee redelijke verwachtingen met elkaar verzoenen: de nachtrust van omwonenden respecteren en tegelijk een betrouwbare dienstverlening organiseren. Dat is precies waarom de containers er nu staan. Ze zijn misschien weinig elegant, maar als ze het geluid voldoende dempen en de treindienst daardoor normaal kan functioneren, hebben ze op korte termijn een duidelijke praktische waarde.
Toch knaagt er iets wanneer je naar die lange rij containers kijkt. Niet zozeer omdat NMBS nu een noodoplossing zoekt, wel omdat de achterliggende oorzaak ons terugbrengt naar iets wat in 2026 steeds moeilijker uit te leggen valt: een deel van ons spoorvervoer rijdt nog altijd op diesel. De federale regering heeft zelf vastgelegd dat dieseltreinen moeten worden uitgefaseerd en waar mogelijk vervangen door milieuvriendelijkere alternatieven, zoals batterijtreinen. Dat is geen abstract klimaatverhaal. In Lokeren zien we deze week heel tastbaar waarom modernisering ook voordelen heeft voor leefbaarheid, geluid, onderhoud en exploitatie. Een oude technologie veroorzaakt een probleem, en vervolgens hebben we bijkomende infrastructuur nodig om de gevolgen ervan beheersbaar te maken.
Daarmee wordt deze gele muur voor mij interessanter dan zijn opvallende uiterlijk doet vermoeden. In België zijn we vaak behoorlijk goed in het vinden van een tussenoplossing wanneer iets vastloopt. Soms is dat ook nodig, want een spoorbedrijf kan moeilijk zeggen dat iedereen maar enkele jaren geduld moet hebben tot het rollend materieel vervangen is. Maar tijdelijke maatregelen mogen geen excuus worden om structurele keuzes telkens verder voor ons uit te schuiven. Wanneer je extra geld, materiaal en ruimte nodig hebt om de tekortkomingen van bestaande technologie te compenseren, moet je minstens ook bekijken hoeveel sneller een definitieve oplossing economisch verantwoord wordt. Niet elk probleem wordt opgelost door sneller te investeren, maar uitstel heeft evenmin een kostprijs van nul.
Publiek geld verdient een nuchtere blik
Ook daar moeten we redelijk in blijven. Het is gemakkelijk om vanop afstand een bedrag te zien en te besluiten dat het goedkoper moest kunnen, zonder te weten welke technische alternatieven onderzocht zijn of welke exploitatievoorwaarden NMBS moet respecteren. Als deze constructie de enige haalbare manier is om snel aan de geluidsnormen te voldoen én de treinen te laten rijden, dan kan een tijdelijke investering perfect verantwoord zijn. De juiste vraag is daarom niet of elke euro aan de containermuur een verspilde euro is. De juiste vraag is of de gekozen oplossing, rekening houdend met alle alternatieven, de meest verstandige manier is om de periode tot een structurele oplossing te overbruggen. Dat soort afweging moeten we van elke publieke organisatie mogen verwachten, precies omdat ze met middelen van ons allemaal werkt.
Het Lokerse stadsbestuur staat in dit verhaal overigens grotendeels aan de zijlijn. Spoorwegen zijn geen gemeentelijke bevoegdheid en de stad beslist niet welk treinmaterieel NMBS inzet. Toch ondervinden onze inwoners wel rechtstreeks de gevolgen: als reiziger, als buur van het station en uiteindelijk ook als belastingbetaler. Dat maakt het belangrijk om vanuit Lokeren de druk te blijven leggen op een goed functionerend station en een moderne spoorverbinding. Een stad die groeit en aantrekkelijk wil zijn om te wonen en te ondernemen, heeft immers belang bij betrouwbaar openbaar vervoer. Niet omdat iedereen verplicht de trein moet nemen, maar omdat mensen juist meer mogelijkheden krijgen wanneer auto, fiets, bus en trein elk een degelijk alternatief vormen.
Misschien is dat ook de nuttigste manier om naar dit opvallende dossier te kijken. De buur die naar de rechtbank stapte, hoeft niet als spelbreker te worden weggezet. De NMBS-medewerkers die nu een praktische oplossing uitvoeren, verdienen evenmin het etiket van geldverspillers zonder dat we de alternatieven kennen. En de reiziger hoeft niet te kiezen tussen begrip voor omwonenden en de verwachting dat zijn trein gewoon rijdt. Goed beleid begint meestal precies waar zulke belangen botsen: door ze allemaal ernstig te nemen en vervolgens een oplossing te zoeken die werkt. Dat is minder bevredigend dan één schuldige aanwijzen, maar meestal wel dichter bij de werkelijkheid.
Hopelijk doet de containermuur de komende jaren dus waarvoor hij bedoeld is: voldoende stilte brengen voor de buurt zonder de treinverbinding te hinderen. Maar nog beter zou zijn dat we hem later kunnen weghalen omdat de oorzaak van het probleem verdwenen is. Moderne treinen, betrouwbare verbindingen en een station dat goed in zijn omgeving past, daar heeft Lokeren op lange termijn veel meer aan dan aan welke geluidsmuur ook. Misschien is dat uiteindelijk de merkwaardigste kwaliteit van die rij containers: ze maakt een probleem zichtbaar dat anders gemakkelijk ergens tussen technische dossiers en investeringsplannen verborgen blijft. Soms heb je blijkbaar een muur nodig om duidelijk te maken dat het tijd is om vooruit te gaan.