Overslaan naar inhoud

Als zelfs de belastingverlagingen sneuvelen

28 september 2026 in
Robby De Caluwé

Vandaag moest in het Vlaams Parlement de jaarlijkse Septemberverklaring worden afgelegd. Zo gaat dat traditioneel: op de vierde maandag van september vertelt de minister-president waar Vlaanderen staat, welke keuzes zijn regering maakt en vooral hoe ze die keuzes zal betalen. Alleen was er dit jaar één probleem. De Vlaamse regering was niet klaar. De Septemberverklaring werd uitgesteld tot woensdag. Officieel omdat het overleg maandagmiddag moest worden stilgelegd nadat minister Hilde Crevits en een kabinetschef van Vooruit onwel waren geworden. Dat is uiteraard overmacht. Maar het neemt niet weg dat de regering maandagochtend, na dagen onderhandelen en een nacht doorwerken, nog altijd geen begrotingsakkoord had. Met andere woorden: de regering Diependaele is alweer te laat gestart, alsof het allemaal niet heel dringend is...

Dat is des te opvallender omdat Matthias Diependaele niet voor het eerst moeite heeft met de kalender. In 2024 schoof hij als formateur 23 september, de dag van de toenmalige Septemberverklaring, zelf naar voren als uiterste deadline om een Vlaamse regering te vormen. Het was volgens hem zelfs “evident” dat die regering er tegen dan moest zijn. Ze was er niet. Het regeerakkoord kwam pas enkele dagen later en de nieuwe regering legde uiteindelijk op 30 september haar beleidsverklaring af. Twee jaar later wordt opnieuw een Septemberdeadline gemist.

Veel interessanter dan de nachtelijke politieke folklore is natuurlijk wat er ondertussen uit de begrotingstabel lekt. En daar begint het voor wie een sobere overheid en lagere belastingen belangrijk vindt behoorlijk ongemakkelijk te worden.

Neem de registratierechten. Deze Vlaamse regering begon met een duidelijke belofte. De belasting bij de aankoop van de enige eigen woning werd op 1 januari 2025 verlaagd van 3 naar 2 procent. In het regeerakkoord stond die verlaging expliciet vermeld als een maatregel om Vlamingen te helpen een eigen woning te verwerven. Vandaag betaalt een jong gezin dat een woning van 400.000 euro koopt daardoor 8.000 euro registratierechten in plaats van 12.000 euro. Vierduizend euro verschil, op het moment dat elke euro nodig is voor een eigen inbreng, notariskosten, een verbouwing of gewoon de inrichting van die eerste woning.

Volgens de jongste begrotingsvoorstellen zou dat tarief vanaf 2027 opnieuw naar 3 procent gaan. Aanvankelijk circuleerde nog een scenario waarbij enkel woningen boven 500.000 euro getroffen zouden worden. In het laatste voorstel zou die grens verdwenen zijn en zou de verhoging opnieuw voor alle enige en eigen woningen gelden. Een belastingverlaging die amper twee jaar bestaat, wordt zo weer ongedaan gemaakt.

Dat verdient meer aandacht dan de semantische discussie of dit technisch een “belastingverhoging” dan wel het “terugdraaien van een eerdere verlaging” is. Voor de koper die in 2027 een woning van 400.000 euro koopt, is de werkelijkheid eenvoudig: hij betaalt volgens dit voorstel 4.000 euro meer aan de Vlaamse overheid dan iemand die dezelfde woning een jaar eerder koopt.

Ook met de erfbelasting gebeurt iets merkwaardigs. Het Vlaams regeerakkoord beloofde niet vaagweg dat men het dossier zou “bekijken”. Er staat dat de regering de erfbelasting zal hervormen en verlagen. Bij de voorstelling van het regeerakkoord werd daarvoor op kruissnelheid ongeveer 350 miljoen euro voorzien. Een eerste beperkte hervorming voor alleenstaanden en langstlevende partners kwam er, maar de bredere verlaging zou volgens het voorstel dat nu op tafel ligt opnieuw worden uitgesteld én ongeveer gehalveerd.

Daar zit een fundamenteler probleem achter. Begrotingsdiscipline betekent niet dat je ieder jaar opnieuw kijkt welke belastingverlaging je nog even kunt uitstellen of terugdraaien. Een begroting structureel op orde brengen vraagt in de eerste plaats keuzes aan de uitgavenkant. Daar staan overigens wel maatregelen tegenover: er wordt gesproken over minder cultuursubsidies, ongeveer 40 miljoen euro minder via de kmo-portefeuille, het verdwijnen van subsidies voor de koopvaardij, fusies van overheidsagentschappen en het slechts vervangen van één op drie vertrekkende Vlaamse ambtenaren. Ook De Lijn zou een deel van de geplande uitbreiding moeten inleveren.

Over elk van die maatregelen valt afzonderlijk te discussiëren. Maar het onderscheid tussen besparen en belasten moet helder blijven. Wanneer een overheid minder uitgeeft, maakt ze een keuze over zichzelf of over haar beleid. Wanneer ze registratierechten verhoogt, legt ze de rekening bij iemand die een huis koopt. Wanneer een beloofde verlaging van de erfbelasting opnieuw wordt uitgesteld, houdt ze geld dat ze eerder had toegezegd terug te geven aan burgers.

Daarom is deze begrotingsronde interessanter dan het politieke theater rond wie 's nachts welk voorstel heeft afgewezen. In 2024 beloofde de Vlaamse regering een begroting in evenwicht vanaf 2027, een performantere overheid die zich op haar kerntaken concentreert, lagere registratierechten en een hervormde en verlaagde erfbelasting. Dat staat allemaal zwart op wit in haar eigen regeerakkoord. Twee jaar later komt het moment waarop die beloften tegelijk op de proef worden gesteld.

Een begroting in evenwicht is belangrijk. Geen enkele overheid kan onbeperkt meer uitgeven dan ze ontvangt. Maar een begroting vertelt ook hoe je dat evenwicht bereikt. Door scherper te kiezen wat de overheid wel en niet moet doen? Door efficiënter te organiseren? Of door fiscale ruimte die eerst aan burgers werd gegeven opnieuw in te nemen?

En dan is er nog die deadline. Dat een minister ziek wordt, kan niemand voorzien. Dat een regering op de ochtend van haar belangrijkste jaarlijkse begrotingsmoment nog altijd aan haar “best and final offer” moet sleutelen, is iets anders. Goed bestuur begint ook met voorbereiding en voorspelbaarheid.

De Septemberverklaring komt nu woensdag. Misschien verandert er tegen dan nog veel aan de gelekte voorstellen. Dat zou zelfs verstandig kunnen zijn. Maar één vraag verdient dan een bijzonder duidelijk antwoord: hoeveel blijft er na deze begrotingsronde nog over van de fiscale beloften waarmee deze Vlaamse regering twee jaar geleden begon?

Want belastingen verlagen is relatief eenvoudig op het moment dat je een regeerakkoord schrijft. De echte test komt wanneer de begroting moeilijk wordt.

Deel deze post
Labels
Archief
Een uitkering stoppen is nog geen mens aan het werk helpen